Verhaal

Dit verhaal heb ik zelfgeschreven. Ik weet niet of ik verder zou gaan of zou stoppen. De ene keer denk ik: het is best een leuk verhaal. En de andere keer denk ik: niemand zal het ooit willen lezen. Maar dat kan ik zelf natuurlijk nooit weten. Ik ga dit niet laten drukken als een boek, maar ik wil gewoon weten wat lezers ervan vinden. 

 Tweelingzussen!

Spiegeltje, Spiegeltje

Hoofdstuk 1: Kaften

Het is weer zover. Het kaft-seizoen is begonnen. Vandaag heb ik met mama de boeken opgehaald voor volgend schooljaar. Over twee weken is de vakantie voorbij en ga ik naar de derde klas Vwo. Niet tweetalig hoor, dat vind ik te moeilijk. Oh, ik vergeet me helemaal voor te stellen: mijn naam is Emily Kromdijk ik ben 14 jaar en ik heb twee jongere zusjes Mindy en Charlotte. Mindy is 9, Charlotte 4. Ze zijn superlief maar soms ook weer niet, en dat is soms knap lastig. Zo wil Mindy altijd komen kijken als ik mijn huiswerk maak. Mijn beste vriendin Sylvana zegt dat ze graag een broertje of zusje zou willen hebben omdat ze zich dan minder snel zou gaan vervelen.

Ze is dol op mijn zusjes. Ik ook hoor, meestal dan. Nouja, nu zit ik hier dus te kaften. Het schiet maar niet op. Ik ben hier erg slecht in. Daarom zou een oudere broer of zus eigenlijk ook handig zijn, die zou me kunnen helpen want mam kan het niet en Rob heeft het te druk. Rob is niet mijn vader, maar de vriend van mijn moeder. Mijn ouders zijn tien jaar geleden gescheiden. Uit elkaar gegroeid zegt pap. In het begin vond ik het supererg maar nu ben ik er wel aan gewend. Rob is trouwens heel aardig hoor, maar mam’s vorige vriend was wel een probleem.  Michel heette die. Hij speelde de baas over mijn zusjes, mama en mij.

Dat vond ik echt erg. Niet dat ik naar hem luisterde, maar hij heeft mam zelfs een keer geslágen, toen zat ze daarna huilend op haar kamer, ik heb haar getroost en gezegd dat ze hem beter kon dumpen. Misschien was dat niet zo leuk voor mam want ze was wel nog verliefd, maar het kon gewoon niet anders. Mishandeling wordt gestraft, wie weet wat hij nog meer gedaan kon hebben. Nou ja, ik wilde vorig jaar eigenlijk voor Havo kiezen maar mam zegt dat als je te goed bent voor Havo het een beetje saai word, omdat je dan alleen maar negens en tienen haalt.

Ik zou het niet saai vinden maar ik wil ook niet dat medeleerlingen me een nerd gaan noemen dus ga ik maar gewoon naar ’t Vwo. Spaans lijkt me trouwens echt een leuke taal. Ik hoop alleen wel dat wiskunde niet te moeilijk is. Maar we zullen zien. Argh! Ik ben nog steeds niet klaar met mijn derde boek. Ik heb er pas twee netjes kunnen kaften, van de zeventien. Ik ben dus nog wel even bezig. Maar het kan me niet schelen. Met een leuk muziekje op de achtergrond kun je bijna alles aan.

Waarom zou ik het ook niet een andere keer doen? Ik heb nog zat tijd. Mijn moeder zegt dan wel altijd ‘Emily, stel niet altijd alles uit tot het laatste moment’ maar ze weet zelf dat ik dat van haar geërfd heb. Bijvoorbeeld, toen we naar de tandarts moesten. ‘Mam, vergeet niet je tanden te poetsen’. Tien minuten later had ze het nog niet gedaan. ‘Mam, poets je tanden!’. ‘Zo, schat, ik ben even in gesprek’. Toen we uiteindelijk naar de tandarts moesten gaan was het te laat. Ik snap mijn moeder soms echt niet.

Rob is veel soepeler in die dingen. Maar ja, misschien doet hij dat omdat hij niet mijn echte vader is. ‘Emily, kun je me even helpen in de tuin?’. ‘Ik kom’. Mam wil altijd dat ik mijn kamer opruim. Puh, dat papier heb ik morgen toch weer nodig. Ik zoek de gescheurde restjes bij elkaar en gooi ze in mijn prullenbak, rol het overige papier op en stop het in mijn bovenste bureaula. Nog plaats zat, en wie ruimt er hier nou nooit op? Vandaag heb ik het wel mooi gedaan.

‘Ik heb iets voor je! Handen naar voren en ogen dicht!’. Rob grijnst. ‘Wat heb je dan?’ vraag ik lachend. ‘Dat is nou juist de verassing, ogen dicht!’. Ik doe mijn ogen dicht en maak van mijn handen een kommetje. Ik voel iets, het lijkt op een theezakje. ‘Mag ik mijn ogen weer opendoen?’ ‘Ga je gang’. Ik kijk naar de twee zakjes in mijn hand. ‘ZONNEBLOEMEN! Dat zijn mijn lievelingsbloemen, Hoe wist jíj dat nou?’. Hij grijnst weer ‘Van je moeder, vindt je ’t leuk?’. Ik knik, tuinieren is altijd al een hobby van me geweest. Ik hou van alle soorten bloemen en planten maar ik vind het ook leuk om zelf groente en fruit te oogsten.

‘Kijk, ik heb al een aantal gaatjes gegraven, als jij ze nou erin doet, dan bedek je ze weer en geef je ze water’. ‘Ik weet heus wel wat ik moet doen hoor’ zeg ik. Ik strooi de zaadjes in de grond, gooi de aarde er weer op en geef het water. ‘Heel goed, nu moeten we een tijdje wachten en dan heb je in mei zonnebloemen’. ‘Wow! Cool!’. ‘Je gaat toch niet vergeten ze elke dag water te geven hè?’. ‘Natuurlijk niet! Dank je, Rob, dit is echt een mooi cadeau!’. Ik geef hem een knuffel. Ik voel dat hij schrikt maar daarna lacht hij. ‘Graag gedaan, hoor’.

Hoofdstuk 2: High School

In Amerika is het anders, zei pap laatst, School is er anders. De eetgewoontes zijn er anders. De tijd is er anders. Toen ik vier was heeft hij me meegenomen naar Amerika, ik ben tweetalig opgevoed door Angie, zijn vriendin, en hem. Mijn echte moeder ken ik niet. Mijn naam is Olivia Kromdijk. Ik ben 14 jaar en dit jaar ga ik naar 8th grade, in Nederland is dat de tweede klas zegt pap. Ik ben Amerika gewend, ik ben hier immers al 10 jaar en mijn accent is helemaal verdwenen. Pap, Angie en ik wonen in New York. Dit is echt de top winkelstad! Ik ben er al zo vaak geweest. Vroeger met Angie, later met mijn vriendinnen Sally en Courtney. Maar als ik terugkom op het feit dat ik mijn moeder niet ken, moet ik toegeven dat het voelt alsof Angie mijn moeder is.

Ze is al 10 jaar bij mijn vader en mij en ik heb haar als mijn moeder beschouwen. Zij heeft nog een zoon Darren, hij is ook tweetalig opgegroeid, en tevens mijn stiefbroer. Ik spreek vloeiend Engels, maar thuis spreek ik Nederlands, dat ben ik Sally en Courtney nu aan het leren. Supergrappig. Mijn mobiel gaat. Ik ben best wel populair op school, maar het doet me niks. Ik laat mijn klasgenoten maar. Ik ben in die twee jaar op Kennedy Junior High al minstens 100 keer mee uit, en 15 keer verkering gevraagd. Nou ja, ik ga er niet op in. Eén meisje wilde een keer supergraag mijn vriendin worden. Ik vond haar best aardig dus we trokken veel met elkaar op, wat denk je? Ze wilde alleen maar mijn vriendin zijn zodat ze dan vaker bij Darren kon zijn, want ze had een oogje op hem.

Snap je dat nou? Ik niet. Oh ja, de telefoon. ‘Hallo?’. ‘Liv, heb je zin om deze Saturday naar the big city te gaan?’. ‘Ja, lijkt me wel cool, waar gaan we beginnen?’. ‘Maybe O’Leary street? Dat is een awesome passage’. ‘I know, oké, zie je zaterdag, kiss’. ‘Kiss, dag!’. Yes! Nu alleen nog aan pap vragen. ‘Pap?’ ik ren de zoldertrap op maar hij is er niet. ‘Pap?’. ‘Je vader is de boodschappen doen, liefje, wat wilde je vragen?’. ‘Mag ik met Courtney en Sally naar de stad zaterdag?’. ‘Is goed, sweety, ik ben toch de hele dag thuis, je hebt mijn nummer, don’t you?’. Angie is nu al zo lang in Amerika dat ze Engels en Nederlands door elkaar praat, ik ook hoor, ik doe het expres, Angie per ongeluk.

‘Ja, thanks’. ‘Is goed, jij moet vlug naar Seashore High, je hebt nog 5 minutes voor de bus komt’. ‘I know, ik eet wel op school’. ‘Okay, see you straks, sweety’. ‘Dag, kiss!’. Ik loop naar mijn kamer, gris mijn tas van de vensterbank en ren de trap af. ‘We moeten bijna gaan, let’s go’. ‘Dar, hoe is het op High School? Is het hetzelfde als Junior High?’. ‘Not really, kom mee!’. Hij sleurt me aan mijn arm naar buiten. ‘Darren, hoe durf je verkering te hebben met die girl?!’. ‘Suzy, het is mijn zus, chill, sweety’. Oh nee! Nu moet ik tussen die tortelduifjes staan.

‘Ik ga Court en Sal zoeken!’. ‘Okay, see ya straks’. ‘Courtney? Sally?’. ‘Olive! Waar ben je geweest? Je bent zo tinned. Heb je in de zon gelegen, girl?’. Ik knik ‘We zijn naar Spanje geweest’. ‘Awesome, daar wil ik al jaren naartoe.’. Dan komt de bus. ‘Daar komt ‘ie, zijn jullie klaar voor High School?’. Ik gil ‘Oh my god, ja!’. ‘Zouden we daar weer zo populair zijn?’. ‘Vindt je dat dat uitmaakt dan?’. Courtney kijkt Sally raar aan ‘Nee toch hè?’. ‘Grápje!’. Mijn vriendin laat haar adem ontsnappen ‘Je liet me effe schrikken’. We schieten in de lach en stappen in de bus.

Hoofdstuk 3: Nieuwe vrienden

De wekker gaat. Argh ik wordt gek van dat geluid. Ik druk hem uit en draai me om in mijn bed. ‘Emmy, opstaan!’ kreunt mijn moeder. Ja, ik mag opstaan terwijl zij nog lekker in haar bed ligt. Maar als ik nu niet opsta kom ik te laat. Ik zucht en stap uit bed, sleur mijn kleren mee naar de badkamer en spring onder de douche. ‘I’m not gonna write you a love song’ zing ik in de douchekop.  ‘EM’ ik hoor mijn moeder kreunen maar trek me er niks van aan. Zíj is degene met het ochtendhumeur, niet ik!

Als ik beneden ben smeer ik een boterham met pindakaas en jam en maak mijn lunch klaar. Dan stop ik mijn lesrooster in mijn agenda. Vandaag hebben we introductie van het nieuwe jaar en ben ik om half drie thuis. Morgen heb ik les tot tien over vier.  Onze mentor is meneer Nijkamp. Ik heb hem al eens op school zien rondlopen maar ik heb totaal geen idee hoe hij is. Ik hoop dat het een beetje een aardige man is. Mijn mobieltje piept. Ik kreun. Moet dat ding nou alweer opgeladen? Waarschijnlijk heb ik hem ’s Nachts aan laten staan. Ik ben niet zo van die nieuwe snufjes. Geef mij maar gewoon een uitklapbare mobiel dan zo’n zwarte bes-geval. Ik zet het apparaat uit en stop het in mijn tas. Dan werp ik een blik op de klok. Acht uur. De les begint om half negen. Mooi, dan kan ik nog vijf minuten wachten want ik heb Sylvana beloofd dat ik om tien over acht op het pleintje bij haar huis zou zijn.

Ik vraag me af wie er allemaal in onze klas zit. Volgend jaar moeten we een profiel kiezen en zit ik in de bovenbouw. Wow, de tijd gaat echt snel als je er zo over nadenkt. Ik kijk nog wat clips op de tv en dan is het alweer tijd. Ik loop naar de garage sleur mijn fiets mee naar buiten, doe de garage op slot en stap op. Vaarwel vakantie, hallo nieuwe schooldag.

‘Hey Em, daar ben je. Hoe was je vakantie?’. ‘Super, ik heb zonnebloemen gekregen van Rob’. ‘Cool, hij is wel echt veel beter dan die Michel dan hè?’. Ik knik. De wind waait tegen mijn rug aan maar het is niet koud. ‘Denk jij dat we een heftige winter krijgen?’. ‘Hoe bedoel je?’. ‘Nou met veel sneeuw en kou en zo’ zegt Sylvana. ‘Kweenie, misschien. Ze zeggen dat als de zomer heet is de winter koud is’. ‘Dat is het sowieso’. Ik lach ‘Je gaat er heus niet dood aan, hoor’. Syl lacht ook. ‘Ja, kom op, trappen anders komen we nog te laat!’.

In de fietsenstalling botsen we bijna tegen een jongen op. ‘Sorry’ zeg ik, ik voel dat ik begin te blozen. Nee hè? Dat heb ik weer. ‘Nee, ik moet sorry zeggen, ik was diep in gedachten, vinden jullie het ook spannend? Volgend jaar naar de bovenbouw hè?’. Sylvana knikt. ‘Ja, maar we zijn tenminste de jongsten niet meer’. ‘Nee, maar ik herinner me de brugklas wel nog als gisteren’ zeg ik. ‘In welke klas zitten jullie?’ vraagt de jongen. ‘Klas Gym3b, jij?’. ‘Ik ook’. ‘Da’s toevallig’ lach ik. ‘Toeval bestaat niet’ zegt mijn vriendin droog. ‘Mijn naam is Lucas, jullie?’. ‘Ik ben Emily, en dit is mijn vriendin Sylvana’.

Lucas knikt. Hij ziet er best vriendelijk uit, hij heeft donkerblond haar, kastanjebruine ogen en een plaatjesbeugel. ‘Die beugel mag er binnenkort uit, hoor’ zegt hij ‘het was ook wel lastig hoor, je mag bijvoorbeeld geen kauwgum’. Ik knik ‘Ik denk niet dat ik ooit zonder kauwgum zou kunnen’. Lucas lacht ‘Je raakt eraan gewend hoor, hadden jullie ook zo’n moeite met boeken kaften?’. ‘Mijn moeder doet het voor me’. Ik geef mijn vriendin een por ‘Nu ben ik écht jaloers op je’ zeg ik ‘Ik deed er drie dagen over en voor jou wordt het gedaan’. ‘Zullen we naar binnen gaan?’. Ik knik ‘Kom, Syl, dan gaan we onze mentor ontmoeten!’.

Hoofdstuk 4: Kabouter

Als we uit de bus stappen hebben we nog twee minuten voor de les begint. ‘Kom we gaan op dat bankje zitten’ zeg ik ‘Even bijkomen’. Courtney lacht ‘Bijkomen waarvan?’. ‘Van de hitte’ grijns ik. ‘Sure’. Dan gaat de bel. ‘Huh? Sal, Liv, mijn horloge loopt achter’. ‘Oh nee hè? Kom meiden, rennen!’. We sprinten de trappen op naar lokaal B12. ‘Goedemorgen’ zegt de lerares die de deur openhoudt. Ze heeft blond haar in een hoge paardenstaart en ze draagt hoge hakken. Ik schat haar niet ouder dan vierentwintig. ‘Goede morgen, allemaal, mijn naam is Alexandra Spring, ik ben jullie mentrix dit jaar, we beginnen met een rondje kennismaken, degene die ik aanwijs vertelt zijn naam, leeftijd en hobbies en dan mag degene die ernaast zit vertellen’. Dat is wel zo makkelijk. Alexandra wijst als eerste een jongen aan. ‘Mijn naam is Thom ‘O’ Neil, ik ben 15 jaar en mijn hobbies zijn voetbal en computeren’. Dan mag het meisje naast hem vertellen ‘Mijn naam is Mandy Simmons, ik ben 14 jaar en mijn hobbies zijn turnen en kleding ontwerpen’.

Naast Mandy zit een klein meisje. De jongen die aan de andere kant naast Thom zit begint te lachen ‘Kijk! We hebben een kabouter in onze klas’ hij wijst naar het meisje. Een paar anderen lachen mee en roepen dingen en het meisje rent huilend de klas uit. ‘Dames en heren, dit vindt ik dus niet kunnen! Meteen op de eerste schooldag wordt er al gepest, wat denken jullie wel? Thom wil jij haar even gaan halen?’. Hij aarzelt maar knikt dan ‘Ja, oké dan’. Hij slentert naar de deur en gaat de gang op.

Even later komt hij terug met het meisje aan zijn hand. Angstig kijkt ze om zich heen en dan naar Thom. Die glimlacht moedig naar haar en ze loopt weer naar haar eigen stoel. ‘Mijn naam is Nancy, ik ben 14 jaar, mijn hobbies zijn lezen en tekenen en ik he-he-heb heb een g-g-groei-s-stoornis’ hakkelt ze. Alexandra komt naast haar zitten en slaat een arm om haar heen ‘Pest haar niet hiermee jongens het is voor Nancy heel moeilijk om bepaalde dingen te doen, met de gymles kan ze bijvoorbeeld niet volleyballen, badmintonnen en turnen omdat de kast en het net te groot zijn’.

In de pauze staat Nancy helemaal alleen. Mandy staat bij ons, ze lijkt me echt een gave vriendin. ‘Zullen we vragen of Nancy erbij wil komen staan?’ vraag ik ‘ze staat daar zo alleen, ze verdiend toch net zo goed vriendinnen of niet dan?’. ‘Ja, ik vind dat je gelijk hebt’ zegt Mandy. ‘Maar ons populair zijn dan?’ vraagt Sally ‘dat kun je zo ook wel in de prullenbak gooien’. ‘Ik vindt dat Mandy en Liv gelijk hebben, Sal, Nancy heeft ook recht op een vriendengroepje’. 

Dus lopen we met zijn allen naar haar toe. ‘Hi’ zeggen we. ‘Hi’ zegt ze. ‘Wil je bij ons komen staan?’. ‘Dat gaat niet’ zegt ze lachend ‘jullie zijn allemaal zo groot voor mij’. ‘Dan blijf jij lekker op het muurtje zitten’ zeg ik ‘deal?’. Nancy lacht. ‘Oké, deal, weet je, ik werd vaak gepest’. ‘Ja, Menno is gewoon een zak! Daar moet je niks van aantrekken, hoor’. ‘Ja, hij heeft vorig jaar bij mij in de klas gezeten, wat een eikel! Echt, niet te geloven’. ‘Iedereen heeft iets, hoor’ zegt Courtney ‘de een is heel lang, de ander broodmager, weer een ander heeft hoogtevrees’.

‘Een ander is een lilliputter’ zegt Nancy terwijl ze naar de grond kijkt. Mandy pakt haar bij haar kin vast en tilt haar hoofd omhoog. ‘Innerlijk gaat boven uiterlijk, Nance’. Ze lacht ‘dat is best een gave bijnaam’ zegt ze. ‘Ja toch, Man, Nance, Liv, Court en Sal, friends forever’. ‘Hopen we dan’ lacht Sally. Ik por haar in haar zij. ‘Wat is jouw grootste droom, Nance?’. ‘Groot zijn’ zegt ze ‘maar dat zal wel niet lukken’. ‘Ík heb een oplossing’ zegt Mandy ‘ik heb nog een heleboel hakkenschoenen in mijn kast staan’. Nancy schiet in de lach. ‘Wat is je maat?’. ‘Achtendertig’. ‘You lucky girl, kom morgenmiddag maar langs als je kan, dan leen ik je een paar’. ‘Ah, dat hoeft niet’. ‘Jawel, gekkie, dat staat je vast hartstikke mooi’. ‘Vind je mij mooi dan?’. ‘Prachtig’.  Ze bloost ‘Maar ik ben zo klein’. ‘Zelfs kleine mensen kunnen er mooi uitzien’ zegt Mandy ‘ik heb een Thaise tante’. ‘Echt waar?’. Ze knikt ‘Zie je dan niet waarom ik zo’n mooie lange zwarte haren heb’. ‘Opschepper’ zeg ik lachend. ‘Ja, dat was flauw van me’. Dan gaat de bel. ‘Ga je mee, Nance? De stad in zaterdag?’. Ze glimlacht ‘Dat zou ik erg leuk vinden, ik ga het mijn moeder vragen’.

Hoofdstuk 5: Lisanne

‘Goedemorgen, dames en heren, mijn naam is meneer Nijkamp en ik ben dit jaar jullie klassenmentor’. ‘Hoe oud zou hij zijn?’ vraagt Sylvana. Ik haal mijn schouders op en buk me om mijn etui uit mijn tas te pakken. ‘Goed, nu jullie weten wie ík ben, zou ik wel wat meer van jullie willen weten, we doen een kennismakingsronde, naam, leeftijd en hobbies, we beginnen bij jou’. Meneer Nijkamp wijst naar een lang meisje met blauwe ogen en bruin krullend haar ‘Mijn naam is Danique, ik ben 15 jaar en mijn hobbies zijn dansen, shoppen en slaapfeestjes’.

Het meisje naast Danique is aan de beurt. ‘Mijn naam is Lisanne, ik ben 14 jaar en mijn hobbies zijn paardrijden, shoppen en chatten’. Dan is het de beurt aan Lucas. ‘Mijn naam is Lucas, ik ben 14 jaar en mijn hobbies zijn badminton, voetbal en wii sport’. ‘Wat is dat? Een nieuwe sport?’ vraagt de mentor. ‘Nee, de wii is een spelcomputer, meneer’ verbetert Jelle hem. ‘Oh, mooi, jij daar meisje vóór Lucas’. ‘Ik ben Emily, ik ben 14 jaar en mijn hobbies zijn tuinieren, schilderen en computeren’. ‘Ik ben Sylvana, 15 jaar en mijn hobby is streetdance’.

In de pauze staan Sylvana, Lucas, Wendy en ik bij elkaar. Wendy leek me meteen aardig, maar dat gaan we nog wel zien. Lisanne tikt Lucas op zijn schouder. ‘Hey beugelbekkie, thanks voor de uitleg, joh, nu weten we tenminste wat een vii is’. ‘Wii’ verbetert hij haar. ‘NIEMAND VERBETERT MIJ!’ roept ze uit de hoogte. ‘En wie mag je dan wel zijn?’ grijnst Wendy ‘de koningin van de wereld?’. Ik schiet in de lach. ‘Vindt je het grappig, Kromdijk?’. Ik kan niks zeggen zo hard lach ik nu. ‘Wat heeft Lucas jou eigenlijk aangedaan?’ vraagt Sylvana. ‘Syl, syl, syl, hij stal mijn plek in de schijnwerper’.

‘Hoe bedoel je?’. ‘Jij trok de aandacht met je spelcomputer, terwijl de rest van de klas de hele tijd naar míj had moeten kijken’. ‘Jij was niet eens aan het woord!’ roep ik. ‘Natuurlijk niet, maar ben ik mooi of ben ik mooi, mmh? Daar al eens over nagedacht?’. Wendy zucht ‘Ik kan niet geloven dat ík ooit vriendinnen met jou ben geweest!’. ‘Hou je erbuiten, Moolenaar!’. ‘Wat doe jij eigenlijk op het vwo ? Tutjes als jij horen hier niet thuis’ zegt Lucas. ‘OH!’ roept Lisanne beledigd ‘gaan we tegenwoordig ZÓ met mensen om’. ‘Jij begint!’. ‘Weetje, weetje, eigenlijk kan dat incidentje in de klas me niet echt meer schelen, het is dat jullie zo’n grote losers zijn, dáár baal ik van! Ik schaam me voor jullie! Jullie horen op de Havo, ba-bye, losers, beugelbekkie’.

‘Wat heeft zíj nou?’ vraagt Lucas verontwaardigd. ‘PMS, schatje, breek je mooie hoofdje daar maar niet over!’. ‘Doe normaal zeg!’ zegt hij en slaat Wendy’s hand van zijn hoofd af. ‘Haha’. We liggen allemaal in een deuk, behalve hijzelf. ‘Kom op, doe niet zo chagrijnig, een glimlachje kan er toch wel vanaf?’. ‘Nou, oké dan’. ‘Zit je al lang op badminton?’ vraagt Sylvana. ‘2 jaar, eerst was ik best slecht maar ik boek steeds meer vooruitgang’. ‘Wat nou?! Wedden dat jij bij gym iedereen verslaat?’. Hij grijnst: ‘Wat krijg ik?’. ‘Ik heb….’ Ik graai in mijn zakken ’50 cent en een paperclip’.

‘Dan wed ik liever niet! Veel te weinig’. ‘Nou zeg, in Afrika zouden ze een gat in de lucht springen voor 50 cent’.  ‘Denk aan de arme kinderen van het Rembrandt College’. Wendy maakt snikkende geluiden. ‘Haha, erg grappig’. ‘Kom op? Ga je zaterdag mee naar de film?’. ‘Welke?’. ‘Merlin’. ‘Waar gaat die over?’. ‘De ridders van de ronde tafel, kom op, zeg!’. ‘Oké’. ‘Ik heb gehoord dat die erg goed is’ zegt Sylvana. Dan gaat de bel. ‘Shit! Ik moet nog naar mijn kluisje, welke lessen hebben we?’. ‘Spaans en Latijn’. ‘Oké, wachten jullie op me’. ‘Aangezien ik liever niet te laat kom….Eh…nee!’. Lucas grijnst loop mee naar Wendy’s kluisje en sprint dan de trappen op naar boven. ‘Leuke vriend is hij!’ mompelt Syl. Ik lach, school is weer begonnen, maar het is veel beter dan ik van tevoren gedacht had.

Hoofdstuk 6: Surpriseparty

Vandaag is Nancy jarig. Ze wordt 15. Mandy, Courtney, Sally en ik hebben besloten dat we een surpriseparty voor haar gaan organiseren bij Court thuis. We zijn al bijna klaar met de versieringen. Hebben al haar vrienden uitgenodigd en we gaan zo cupcakes bakken. Dat zijn van die kleine cakejes met glazuur en garnering erop. Superlekker. ‘Zijn de ballonnen al bijna klaar Sal?’ vraagt Court lachend ‘haha, je ziet er zelf haast uit als een ballon’. Sally laat haar ballon op de grond vallen en rent de gillende Courtney achterna ‘KOM HIER JIJ!’ roept ze en zwaait wild met haar armen om zich heen.

Ik lach. Het is zo’n grappig gezicht. ‘Zullen wíj dan maar vast aan de cupcakes beginnen?’ vraagt Mandy serieus. Ik knik en we lopen de keuken in. Eerst moet er 100 milliliter melk in, dan 4 eieren en het deeg. We beginnen te roeren tot de klonten weg zijn. ‘Oké, wat moet er nog bij?’. ‘Ehm…’ ik bestudeer de achterkant van de mix ‘200 gram meel, en 200 gram vanillesuiker’. Mandy haalt de mixer uit een van de keukenkastjes en ik gooi intussen alle verpakkingen weg. Courtney komt hijgend de keuken binnen ‘Ziet er lekker uit, girls, mag ik proeven?’. Ik schiet in de lach ‘Forget it, deze zijn voor het feestje!’.

‘Aah, kom op Lief Olijfje van me’ ze tuit haar lippen terwijl ze mijn kant op loopt. ‘Ga weg, Court’ ik duw haar aan de kant ‘straks hang je met je neus in het deeg’. ‘Lekker’ zegt mijn vriendin. ‘Dat is toch een hele plakboel?’. Ze haalt haar schouders op ‘het is anders wel goed voor je huid’. Ik lach, soms zijn mijn vriendinnen echt stapelgek. Grijnzend steek ik mijn vinger in het deeg, kom dichterbij en smeer het op haar neus. ‘Livs!’. ‘Wat? Nu heb je toch wat je wilde?’. Court steekt ook haar vinger in het deeg. ‘KOM HIER JIJ!’ zegt ze. ‘NEE JIJ! Wraak, meiden!’ roept Sally en we rennen met zijn drieën achter elkaar aan.

Dan gaat de bel. Mandy doet open en komt even later binnen met twee meisjes. ‘Hoi, mijn naam is Linda en dit is Sophie, we zijn de vriendinnen van Nancy’. ‘Olivia, maar zeg maar Liv, aangenaam’. ‘En die twee gekken daar zijn Sally en Courtney’ zegt Mandy. Ze lachen. ‘Dat meen je toch niet serieus hè?’ vraagt Linda. Ik schud mijn hoofd ‘Nee, zet de cadeautjes maar op tafel en zoek een goede verstopplek, als iedereen er is doen we het licht uit, Nance is er om half 6’. Nancy ’s vriendinnen knikken en lopen naar de tafel. Dan verstoppen ze zich ieder achter een bank.

Dan gaat de bel weer. ‘Hi, ik weet dat we niet uitgenodigd zijn, maar ik vindt het zo naar voor Nancy dat ze zo wordt gepest, ik heb denk ik iets goed te maken, ik heb haar de hele week genegeerd’. ‘Wat nou, je hebt haar toch geholpen maandag’. Thom bestudeert mijn schoenen. ‘Ja, eh…mijn vrienden mogen haar niet zo, en…ik heb geprobeerd ze op andere gedachten te brengen maar….ja… mag ik binnenkomen?’. ‘Nou vooruit dan’ zeg ik nog steeds twijfelend. Thom ziet dat ik twijfel. ‘Als je het liever niet doet ga ik weer weg hoor, ik wil me niet opdringen’.

Dat is wel aardig van hem. ‘Oké’. Hij stapt achter me langs naar binnen en daar staat Darren. ‘Jij ook hier?’ vraag ik verbaasd. ‘Ja, ik vroeg me af of ik…of ik misschien voor diskjockey kan spelen?’ hij haalt een paar cd’s tevoorschijn, The Plain White T’s, Black Eyed Peas en een cd met meerdere hitsongs ‘Als deze niet goed zijn heeft Court er nog wel een paar toch?’. Ik geef hem een knuffel ‘Dat is aardig van je, come in’. Dan duw ik de deur dicht en maak snel het buitenlampje aan. Ze moet natuurlijk wel een béétje kunnen zien.

Dan maak ik zo snel ik kan alle lichten uit. ‘ALLEMAAL VERSTOPPEN’ roept Sally en we verschuilen ons achter het keukeneiland. Dan wordt er geklopt, de deur is op een kier open dus als het goed is krijgt ze hem open. En inderdaad, we horen hoe ze de deur dichtdoet. ‘Wat is het hier donker, zeg!’. Dan gaat de deur naar de kamer open. Iedereen houdt zich muisstil. We zien alleen haar silhouet door de kamer slenteren. ‘Hallo? Courtney? Olivia? Waarom is het zo donker?’.

Dan, na wat een eeuwigheid leek te duren, heeft ze eindelijk de lichtknop gevonden! ‘SURPRISE!’ roept iedereen, en springt tegelijkertijd uit zijn of haar verstopplek. Ik zie dat Nancy tranen in haar ogen krijgt. ‘Ooh, is dit allemaal voor míj?’. ‘Ja, je verdient het, kom op dan geef ik je je eerste cadeau aan’. De rest van het gezelschap neemt plaats op de bank en kijkt toe hoe Courtney Nancy helpt met haar cadeaus. ‘Wow, dat is echt een gaaf boek!’ roept ze uit. Ik grijns, Court en ik wisten niet wat we moesten kopen en toen zag ik ineens dit boek. Ik wist wel dat ze het leuk zou vinden maar Court had haar twijfels.

Na het uitpakken van de cadeautjes, zetten we in de keuken één kaarsje op ieder cupcakeje. De eerste, en mooiste, is voor Nancy natuurlijk. We lopen met het dienblad de kamer in, terwijl Linda Lang Zal Ze Leven op de piano speelt. ‘Doe een wens’ roept iedereen terwijl de jarige jet haar kaarsje uitblaast. ‘Hiep, Hiep Hoeraaaaa!’ roept iedereen. Nancy glimlacht. ‘Bedankt, meiden dit is echt heel aardig’. Ik help haar op een stoel ‘Je hebt het verdiend hoor, echt, happy birthday Nancy, en nog vele jaren erbij’.

Hoofdstuk 7: Het Vertrek

Lief Dagboek,

Eindelijk is het herfstvakantie. Ik ga met mijn moeder en Rob naar New York. Ik heb het al helemaal gepland, we gaan naar Manhattan het Vrijheidsbeeld bekijken. We gaan naar een musical op Broadway, shoppen ofcourse, en picknicken in Central Park. Ik moet de maandag erna verlof nemen want we komen zondag pas om 12 uur aan op het vliegveld. Ik heb mijn koffer al gepakt en….

Mam stormt mijn kamer binnen. ‘MAM!’ ik klap snel mijn dagboek dicht. ‘Ik zoek alleen maar mijn krultang heb jij hem gehad?’. ‘Nee, hoe kom je erbij? Ik heb dat ding nooit aangeraakt’. ‘Nou misschien heb je hem per ongeluk ingepakt?’. ‘Mam, ik heb hem niet! En waar heb je dat ding sowieso voor nodig?’. ‘Ik wilde eens wat anders’. ‘Je weet zelf ook dat je het voor Rob doet, hoor’. ‘Wat is er mis met Rob?’. ‘Helemaal niks, maar je ontkent het ook niet hè?’. ‘Ik doe het voor mezelf! Hier ligt ‘ie niet, ik ga nog maar eens op de badkamer kijken’.

‘Snoepje wat zoek je?’. ‘Rob, mijn krultang, waar is ‘ie?’. Rob grijnst en houdt de krultang omhoog ‘Ik wilde hem zelf eens proberen, denk je dat een baard met krullen mij goed zou staan?’. Rob en ik schieten in de lach ‘Haha, ik denk het niet!’. ‘Haha, erg grappig’ zegt mam sarcastisch ‘neem jullie koffers mee naar beneden en dan gaan we’. ‘Niet zo chagrijnig, Marijke, ’t was een grapje’. ‘Ik ben niet chagrijnig!’. ‘Kom op, mam, relax, we gaan naar New York, middelpunt van de wereld, daar wilde je toch al jaren heen? Dit is je kans’.

Eindelijk lijkt mijn moeder te kalmeren en kijkt haar man verliefd aan ‘Met de man van mijn leven’ ze glimlachend. Nog voordat ze klef gaan doen gooi ik mijn deur dicht: ‘Bespaar me dit alsjeblieft!’ roep ik tussen de kier door, en dan valt hij in het deurkozijn. Ik pak mijn toilettas in. Tandenborstel, tandpasta, douchegel, Deo, kam, borstel, 2 haarbanden en een aantal elastiekjes. Je weet maar nooit. Dan roept mijn stiefvader dat we moeten gaan. ‘Emily, kom we gaan naar het vliegveld’.

Ik snel de trap af, gooi mijn weekendtas in de kofferbak en spring met mijn handbagage in de auto. ‘Hoe lang hebben we nog?’. ‘Drie en een half uur, het is twee uurtjes rijden naar Schiphol, mijn neef Edward let op de auto’. ‘Woont jouw neef in Amsterdam?’ vraag ik. ‘Ja, het is supermooi, zijn huis, hij verdient veel in de architectuur’. ‘Is hij echt architect? Cool!’. Rob lacht: ‘Wat wil jij dan worden? Tuinvrouw?’. Ik schud mijn hoofd ‘Dierenarts of Biologielerares’. ‘Tja, als je het vwo haalt kun je beide kanten op’. ‘Rob, je moet niet zulke dingen zeggen, daar gaat ze van twijfelen’.

‘Ik zeg toch ook niet dat ze het niet haalt?’. ‘Dan is het goed, wil iemand een broodje?’. ‘Hè nee, mam die broodjes worden altijd zo plakkerig’. ‘Ik neem er wel een, hoor, het duurt nog even tot we op Schiphol aankomen’. Ik zucht en haal mijn mp3-speler uit mijn tas. Ik kijk zachtjes zingen door het raam naar buiten. We passeren allerlei boerderijen, heuvels en windmolens. Soms stukjes bos. Het is echt mooi om te zien, maar soms schrik ik wel als we een tunnel inrijden. Al dat mooie uitzicht is dan even verdwenen……………………

Ik schrik wakker van iemand die me heen en weer schudt. ‘Emily we zijn op Schiphol!’. ‘Wat?’ ik haal de oordopjes uit mijn oren en stop mijn mp3 in mij tas. ‘Kom op we moeten snel inchecken’. We rennen naar de balie, ik werp snel een blik op de klok erboven, kwart voor twee. We hebben nog drie kwartier voor vertrek. Terwijl mijn moeder en Rob inchecken kijk ik naar de mensen die op het vliegveld zijn. Het zijn er best veel, en ook heel verschillend allemaal.

‘Snel naar de douane’ Rob trekt me mee aan mijn arm. ‘Au, laat me los!’. Ik bijt op mijn lip en laat me scannen. ‘Veilig, ga maar door’. Achter de douane wacht ik tot Rob en mijn moeder zijn gescand. ‘De vlucht naar New York vertrekt om half drie’ zegt de stewardess. Ze is niet zo oud, begin 20 denk ik. We zoeken onze plaatsen op en ik kijk naar buiten door de kleine ronde raampjes. ‘Nu zie je nog niks’ zegt mam ‘dadelijk zul je zien, wordt alles kleiner’. ‘Ja, de mensen zijn dan net legopoppetjes, en de auto’s speelgoedautootjes’ lach ik.

Dit is niet de eerste keer dat ik vlieg. Ik heb wel vaker gevlogen. Een keer naar China. Daar was het echt supermooi, en ook super lekker eten. We hebben geen van de dagen gekookt. Toen waren mam en ik nog alleen. Ik was toen tien jaar. Dat is toch alweer een tijdje geleden. Nou ja, ik weet dat het niks voorstelt. Oké de vorige keer vond ik het landen een beetje eng. Met het opstijgen had ik geen probleem. ‘Dames en Heren’ klinkt het door de speakers ‘we gaan over enkele seconden vertrekken, ik verzoek u uw riem alvast vast te maken, en dan wens ik u nu alvast een prettige vlucht’.

Hoofdstuk 8: Echte Vrienden Kun Je Vertrouwen

Lief Dagboek,

Het is vakantie en Nancy’s ouders zijn op reis naar Frankrijk. Ze blijft bij me logeren, ze is zich nu op de badkamer aan het verzorgen. Dit is de tweede nacht dat ze blijft slapen, en over vijf dagen komen haar ouders weer terug. Gisteren was echt super. Overdag hebben we gewinkeld met Mandy, Courtney en Sally. Mandy heeft haar een complete make-over gegeven. Ze zag er echt geweldig uit. Een schots rokje, blauwe legging, rood T-shirt, rood met wit gestippelde haarband, hakken en make-up. Opeens leek ze een stuk ouder…..

‘Liv?’. ‘Ja?’. ‘Kan ik je iets vertellen?’. ‘Je kunt mij alles vertellen’ zeg ik en ga naast haar op bed zitten ‘wat is er dan?’. ‘Ik ben altijd bang dat als ik vriendinnen heb dat… dat i-ik ze d-dan ga ver-verliezen’. ‘Ik weet niet hoe het is als je gepest wordt’ zeg ik bijna fluisterend ‘maar ik weet wel dat het niet leuk is, en ik weet dat wij er misschien anders uitzien aan de buitenkant dan we vanbinnen zijn, echte vrienden kun je vertrouwen, Nancy. Dat is waaraan je hen herkend. Als je vrienden niet kunt vertrouwen zijn het geen echte vrienden, en die vriendschappen verwateren’. ‘Dat zegt mijn moeder ook altijd’. Ze glimlacht. ‘Je bent een lieve vriendin, Livs’. Ik lach ‘Dus je vertrouwt me?’. ‘Ja’. Ik omhels haar. ‘Als je ergens mee zit kun je het me altijd vertellen, hoor, ik ben er voor je’. ‘Zullen we morgen naar Central Park gaan?’. ‘Waarom?’. ‘Ik vind het zo mooi als de bladeren uit de bomen waait, de herfst is mijn favorite seizoen’. ‘Mij best, hoor. Maar ik trakteer op ijs!’. ‘Nee, alsjeblieft, dat hoeft toch niet!’. ‘Jij krijgt van mij een ijsje’.

‘Nou, oké’ Nancy lacht ‘als ik er toch niet onderuit kom!’. Ik grijns. Even zitten we stil en zeggen niks. Ik word zenuwachtig van de stilte en zet een cd op. ‘Weet je’ begint Nancy ‘ik vind het niet erg dat ik zo klein ben. Soms kan ik dingen die grotere mensen niet kunnen. Het is alleen soms wel lastig in een winkel, ik kan bijna nergens bij. Maar dan nog, mensen begrijpen niet hoeveel pijn woorden kunnen veroorzaken, ze zeggen schelden doet geen pijn, maar dat klopt niet!’. Ze staat op en balt haar vuisten.

‘Ik laat me niks meer zeggen op school, het moet afgelopen zijn!’. Ik lach ‘Daar heb je wel een punt, maar beloof me dat je dat met woorden doet?’. ‘Goed dan.’ Mijn vriendin zucht. ‘Ik heb iets voor je’ zeg ik ‘doe je ogen maar dicht’. ‘Nee, dat hoeft toch niet, gek!’ ze lacht. ‘Dat hoeft wel!’. Dus doet ze haar ogen dicht. Ik haal twee vriendschapskettingen uit het doosje. ‘Open’ zeg ik. Nancy opent haar ogen ‘Halve hartjes’ zegt ze bewonderend ‘Olivia, jouw vriendschap voelt niet als vrienden zijn, het voelt als familie’. Ik grijns ‘Wil je mijn zusje zijn?’. Mijn vriendin grijnst ook en doet haar ketting om ‘Ik geloof… dat je een nieuwe zus hebt!’.

Hoofdstuk 9: Dubbelganger

We zijn gisteren aangekomen in ons hotel en hebben ingecheckt en onze koffers uitgepakt. Daarna gingen we lunchen in de lounge. Een supermooie hal die uitkijkt op het binnenzwembad. Wat een geluk dat we zoveel korting kregen! Nu gaan we een wandeling maken door Central Park, en daarna ergens picknicken. Ik haat wandelen, maar de natuur is mooi en picknicken vindt ik superleuk! Misschien ontmoet ik wel ergens een vakantievriendin? Dat zou geweldig zijn.

‘Hebben we alles?’ vraagt mam terwijl ze onze jassen pakt. ‘Ja’ zeg ik. ‘Dan kunnen we nu gaan’. Rob pakt de picknickmand en mam draagt de deken. Het is nog niet eens koud voor de herfst. Nog steeds is het tweeëntwintig graden Celsius. Ik heb ergens gehoord dat ze in Amerika de temperatuur meten in Fahrenheit. Nou ja, wij hebben onze eigen thermometer mee. We lopen langs de drukke straten, grote warenhuizen en honderden billboards. ‘Mooi hè, mam?’. ‘Druk hè, Emily?’. Ik zucht ‘Nou èn? Straks zijn we in het park!’.

Ik kijk naar de auto’s die voorbij zoeven. Luister naar de muziek die wel overal vandaan lijkt te komen en voel hoe de wind door mijn haren waait. ‘Gaan we morgen naar Broadway mam?’. ‘Daar zou ik zelf ook wel eens een musical willen zien, ja, waar wil je heen?’. ‘Kies jij er maar een’ zeg ik, ik weet niet eens welke musicals er spelen. ‘Oké, we zijn er bijna’. We volgen de bordjes, en daar ligt het park. Er staan veel bomen, en er bloeien duizenden boterbloemen in het gras. ‘Was er bij ons maar een park hè mam?’. Ze knikt: ‘Maar dit is waarschijnlijk het beroemdste park in de wereld’. ‘Nou, zullen we dan maar de deken klaarleggen?’ vraagt Rob. Ik knik: ‘Kijk daar op die heuvel!’. Mijn moeder kijkt bedenkelijk maar Rob en ik lopen er al naartoe. We leggen de deken neer en stallen alle etenswaren erop uit. Broodjes (dit keer verse), koffie, jus d’orange, druiven, cakejes en servetjes. ‘Wil je koffie?’. ‘Graag, schat, Emmy?’. ‘Ík, koffie?’ ik schud mijn hoofd. Mam lacht en schenkt een glas voor me in.

Dan zie ik een meisje langslopen, ze lijkt precies op mij, zou ze mijn dubbelganger zijn? Ik kijk haar recht in de ogen en ren ernaar toe. ‘WAIT! WAIT, DON’T GO!’. ‘Emily waar ga je heen?’ roept mijn moeder, ze rennen me achterna. De meisjes kijken me raar aan ‘Je hebt een raar accent’ lacht een van de meisjes. ‘Waarom stop je ons?’. ‘Kijk naar mij, we zijn vanbuiten precies hetzelfde!’. Het meisje staart me aan en bekijkt me daarna van top tot teen. ‘Oh my….’ Met open mond kijkt ze me aan. ‘We lijken wel een tweeling!’ roepen we tegelijkertijd uit. Ik werp een schuine blik op mam. Die lacht als een boer met kiespijn en haar bleke huid wordt ineens knalrood.

Hoofdstuk 10: Tweeling

‘Emily Kromdijk’ zegt het meisje. ‘Olivia Kromdijk’ zeg ik zacht, maar toch heeft ze me gehoord. ‘Hoe oud ben jij?’ vraag ik. ‘Veertien, jij?’. ‘Ook veertien’. ‘Wanneer ben je jarig?’. ‘zesentwintig april’. Ik zie dat mijn dubbelgangster een verwarde blik naar haar ouders werpt. ‘Mam?’ vraagt ze ‘Heb jij iets verzwegen voor mij?’. Ze pakt mijn hand en sleurt me mee naar de picknickdeken. Haar moeder zucht ‘Oké, ik moet jullie iets vertellen’. ‘U kent mij niet eens!’ roep ik uit. ‘Toch wel’ zegt de vrouw.

Nu ben ook ik verbaasd. Hoe kan deze vrouw mij kennen? Ik ken haar in ieder geval niet! ‘Jullie zijn een tweeling, ik was eens getrouwd met Wouter Kromdijk, maar we zijn gescheiden toen jullie 3 waren, jullie vader heeft Olivia met zich meegenomen naar Amerika, ik kon niks zeggen, je vader had er recht op, dit is de zus die je niet hebt gekend’. We kijken elkaar aan. ‘Hoe kón je dit laten gebeuren?’ vraag ik boos ‘als pap me niet had meegenomen naar Amerika had ik mijn zus gekend, en jou ook’.

‘En mij ook’ zegt de man. ‘KOP DICHT!’ roepen Emily en ik tegelijkertijd. Nancy doet haar best alles te volgen, maar we spreken Nederlands en ze snapt er niks van. ‘Ik leg het je nog wel eens uit’ fluister ik als ze ernaar vraagt. Mam zucht en er rollen tranen over haar wangen ‘Ik…ik was zo.... je vader had er recht op om minstens één van zijn dochters nog te zien… natuurlijk miste ik je…en wilde ik weten hoe het met je ging. Maar ik kon het niet opbrengen om je op te zoeken, ik wist bijna zeker dat we weer ruzie zouden krijgen, en dan zou Wouter de deur eeuwig voor mijn sluiten’.

Ik zucht en werp een blik op mijn tweelingzus. ‘Wist jij dit?’. Ze schudt haar hoofd ‘Nee, ik wist wel dat mijn ouders, eh…onze ouders gescheiden zijn, en dat onze vader in Amerika is gaan wonen’. ‘Jullie zijn hier op vakantie hè?’ vraag ik. Emily knikt. ‘Wie is dat?’. ‘Nancy, ze is mijn beste vriendin’. ‘Mag ik het vertellen, Nancy?’. Ze aarzelt maar stemt dan toe ‘ja, vertel het maar, maar ze moet geheimhouding zweren!’. ‘Je moet zweren dat je het niemand vertelt’. ‘Wat niet?’. ‘Nancy heeft een groeistoornis’. Mijn zus glimlacht: ‘Zoiets dacht ik al, ik zal het niemand vertellen hoor’. Mijn vriendin zucht opgelucht ‘Dankewel’ zegt ze. We schieten in de lach ‘You’re welcome’.

Hoofdstuk 11: Zussen of Vriendinnen?

Dat was me het dagje wel zeg! We gaan picknicken in Central Park ontmoet ik opeens een zus. Míjn zus. Kan je dat nog geloven? Nou ik in ieder geval niet. Maar Olivia is echt super. We zijn vanaf het moment dat we het wisten heel close, en haar vriendin Nancy is ook wel aardig. Qua lengte lijkt ze net een meisje van tien, maar ze is veertien net als wij. We slapen nu bij onze vader (die ik ook nog niet kende) en mam en Rob slapen nog steeds in het hotel. Onze vader is heel erg aardig en zijn vriendin ook.

Ik moet Lucas en Sylvana nog bellen want dit is toch een topic! Eerst bel ik Syl, wij zijn ten slotte al het langste vriendinnen. ‘Met Sylvana de Bos’. ‘Syl, hoi, met mij, Emily’.  ‘Em, goed dat je belt, hoe is het?’. ‘Je raad nooit wat er gisteren is gebeurd!’. ‘Is het erg?’. ‘Valt wel mee, ik schrok me toch ineens, joh, ik heb mijn tweelingzus ontmoet!’. ‘Jaja’ hoor ik mijn vriendin lachend zeggen ‘een tweelingzus, haha’. ‘Syl, het is ECHT waar!’.  Even is het stil aan de andere kant van de lijn maar dan zegt ze ‘Heb jij een tweelingzus? Echt?’.

‘Ja, we wilden gaan picknicken in Central Park en toen…’. ‘Wacht even ik zet je even op de luidspreker’. ‘Waarom?’. ‘Ik ben met Lucas’. ‘Vriendschap?’. ‘Ja, wat dacht jij dan?’. ‘Oké, nou we waren dus aan het picknicken in Central Park zie ik mijn dubbelgangster lopen. Ze lijkt precies op mij, alleen heb ik een grote puist op mijn voorhoofd, die zij niet heeft’. ‘Ha!’ hoor ik Lucas zeggen: ‘Alsof die zo groot is, je stelt je aan’. ‘Nou ja, we vroegen dus wanneer we geboren waren, zelfde geboortedatum, ook is ze even oud als ik, en uiteindelijk gaf mijn moeder het toe!’.

‘Dus dit heeft ze al die jaren voor je verborgen gehouden?’ vraagt Sylvana. ‘Ja, is dat niet erg?’. ‘Ik vind het niet kunnen, je vertelt het je kind toch als hij of zij ergens op de wereld nog andere familie heeft wonen, zéker een zus’.  ‘En vader’ zeg ik, ik bijt op mijn lip als ik eraan denk. Waarom heeft mam me dit nooit eerder verteld? Waarom moet het ‘geheim’ blijven? Ik verdien toch ook een vader. ‘Hallo, Em ben je er nog?’. ‘Ja’ snuf ik. ‘Heej, huil je?’. Dan barst ik in tranen uit. ‘Sorry’ zeg ik. ‘Daar kan jij toch niks aan doen, gek! Wat zei je nou? Vader?’.

‘Ik heb mijn vader ook ontmoet! En mam zei….ze zei-zei dat d-dat hij….’. Ik kom niet meer uit mijn woorden. ‘Niet huilen, ze houden toch allemaal van je, en wij ook!’. ‘Ja, maar waarom hebben ze het dan niet eerder verteld? Waarom heeft mijn vader nooit gebeld of een brief gestuurd?’. ‘Misschien had hij jouw adres niet meer, of telefoonnummer, maar ik moet ophangen mijn batterij is bijna leeg’. ‘Oké, doei’. ‘Sterkte hè, en vergeet niet ik hou heel veel van je’. ‘Dank je’ snuf ‘Dag’. ‘Dag’. Ik hang op en laat me op bed vallen. De tranen stromen weer over mijn wangen. Ik denk dat ik hier maar een poosje blijf. Dan klopt er iemand op mijn deur. ‘Binnen’. Olivia steekt haar hoofd om de kier ‘Mag ik binnenkomen?’. ‘Ja’. Ze sluit de deur achter zich en loopt naar me toe. ‘Heb je gehuild? Je mascara is uitgelopen’. ‘Ja’. ‘Waarom, wat is er?’. ‘Ik snap het niet’. ‘Wat niet?’. ‘Dat ze ons nooit iets hebben verteld, vindt jij het niet gek dan!’.

‘Natuurlijk wel, ik was ook verbaasd, maar nu weet je het toch?’. ‘Ja, maar ik ken je dan pas sinds mijn 14e waarom niet eerder we zijn toch een tweeling?’. ‘Tja… ik vind het ook stom’. Ze wrijft over mijn rug en droogt mijn tranen met een stoffen zakdoek. ‘Maak je niet zo druk, we gaan zo eten, Mexicaans, heb je dat al eens gehad?’. ‘Ik denk het niet’. ‘Het is superlekker, je kunt gewoon pakken wat je lekker lijkt het is een zelfbedieningsrestaurant’. ‘Oké, ik kom zo, even nog wat opruimen’. ‘Oké, is het verdriet over?’. ‘Ja, dank je’. Olivia geeft me een knuffel. ‘Graag gedaan, zussie’. ‘Zussen of Vriendinnen?’. ‘Allebei’ lacht mijn zus, en eindelijk kan ik weer meelachen.

 

 Toetseniste98

Poezie 2

Hier weer een zelfgeschreven gedicht. Graag hoop ik in reacties jullie mening te lezen. Vind je het mooi, redelijk, snap je niet waar het over gaat of vind je het niet mooi? Dan weet ik namelijk wat ik in de toekomst anders moet doen. Hier komt het!

 Droom

Ik val,

Van wat duizenden kilometers hoog lijkt

Naar beneden

Ik schreeuw niet

Ik lijk wel te zweven

Daar beneden,

Wordt alles,

Steeds een stukje groter

Ik ben steeds lager,

Dichterbij de grond

Ik spreid ze, mijn vleugels

Maar ze doen het niet

Ik schreeuw, om hulp

Maar ze horen me niet

Ik val,

Op de grond

Maar ik voel geen pijn

Schreeuwend word ik wakker,

En weet: dit moet een droom geweest zijn.

Toetseniste98 

Graadexamen Niveau 1

In juni 2010 mocht ik op voor mijn allereerste graadexamen. Ik vond het superspannend maar tegelijkertijd hartstikke leuk! Ik heb liedjes gespeeld als Waar In 't Bronsgroen Eijkenhout, De 9e Symfonie van Beethoven & Roodborstje. Op de dag van het examen bracht familie me naar de muziekschool. Samen gingen we met de lift naar de 2e verdieping. We moesten nog even wachten want er was iemand die volgens ons voor een hogere graad op ging. Misschien wel de 3e of 4e graad, want het klonk heel goed. Toen wilden we allebei naar binnen maar mijn muziekleraar zei dat familie niet naar binnen mocht i.v.m concetratie van de muzikant. Ik was heel zenuwachtig want er waren behalve mijn leraar ook nog een andere lerares en de directeur. Na het bespelen van mijn liedjes moest ik weer even de gang op. Toen kwam mijn leraar me halen. ''Nou ik heb goed nieuws'' zei hij ''je bent geslaagd!''. Ik was echt blij, ik kreeg een certificaat en een puntenlijst. Één 6, meerdere 7'ens en een aantal 8'en. Toen ik thuiskwam, héél toevallig, zag ik op tv hoe Nederland won van Kameroen op het EK. Toeval?

Ik hoop dat ik mijn volgende graad donderdag ook binnensleep!

Toetseniste98 

Graadexamen

Volgende week donderdag ga ik op voor mijn 2e graad. Een graad is een soort diploma voor het bespelen van een muziekinstrument. Er zijn 4 niveau's (en dus: graden)

1e graad (na 2 jaar spelen)

2e graad (na 4 jaar spelen)

3e graad (na 6 jaar spelen)

4e graad (na 8 jaar spelen)

De liedjes die ik ga doen zijn:

Ed Sheeran-The A Team MET YouTube (Transpose +1)

Carly Rae Jepsen-Call Me Maybe (Transpose -2)

One Direction-What Makes You Beautiful MET YouTube (*Transpose -1)

One Direction-One Thing (transpose -1)

Primavera (een oefening voor linker- en rechterhand)

Big Big World

en de Second Waltz van André Rieu (transpose 0)

*Transpose, transpose is een knopje op het keyboard waarmee je de toetsen lager (-) of hoger (+) kunt laten klinken. Zodat bijvoorbeeld je keyboard op dezelfde hoogte speelt als de zanger(es) zingt.

Toetseniste98 

Poezie

Dit is een gedicht dat ik zelf heb geschreven, graag zou ik jullie mening horen. Wat vindt je ervan? Goed, redelijk goed of slecht? Ik wil weten of mensen mijn gedichten en verhalen wel echt goed vinden, anders heb ik er natuurlijk niks aan. Hier komt het:

 Elk Seizoen

Als de zon, zo mooi, door de ruit heen schijnt

Als de maan, ’s Morgens vroeg, alweer verdwijnt

Als de sterren, vanavond, aan de hemel staan

Als de regendruppels, tikken, tegen je raam

Als de straat, bedekt is, met een dikke laag sneeuw

Als de wolken, heel dicht, op elkaar staan

Als je je paraplu wilt pakken, en wilt weggaan

Dan zal ik zeggen wat ik ermee bedoel.

Het blijft mooi, elk seizoen

Toetseniste98 

Jeugdliteratuur

Mijn  1e log gaat over een boekenreeks die ik laatst heb gelezen: MZZLMEIDEN van Marion v/d Coolwijk. 

Dit is de flaptext: Vlak voor hun 16e verjaardag krijgen Tanja, Hanna en Joan een vreemde brief: of ze op hun geboortedag naar de notaris willen komen. De drie op het oog totaal verschillende meiden hebben elkaar nog nooit gezien. Bij de notaris blijkt dat ze toch iets gemeen hebben: hun inmiddels overleden moeder en hun onbekende vader. Aanvankelijk willen de zussen niets van elkaar weten. Maar na die eerste schok-ze zijn een drieling-wint hun nieuwsgierigheid het. Ze besluiten samen op zoek te gaan naar hun vader. Wie is hij? Reist hij nog steeds als zanger en gitarist rond, zoals hij zestien jaar geleden met hun moeder door Europa trok? En bovenal: zal hij iets van zijn drie dochters willen weten?

Een vriendin wees me erop dat dit een enorm leuke serie is. En gelijk had ze! Tanja, Hanna en Joan beleven allerlei avonturen. In totaal zijn er 7 delen verschenen:

Deel 1 MZZLMEIDEN

Deel 2 MZZLMEIDEN en de paparazzi

Deel 3 MZZLMEIDEN on tour

Deel 4 MZZLMEIDEN verliefd

Deel 5 MZZLMEIDEN party!

Deel 6 MZZLMEIDEN gaan los

en Deel 7 MZZLMEIDEN in Hollywood 

Mijn tip: als je op zoek bent naar een leuk meidenboek (chicklit) of een goed boek voor je boek/leesverslag, kies dan een boek uit deze serie! Marion v/d Coolwijk is een ontzettend goede schrijfster. Ze won een Tina Bruna award en werd genomineerd voor de prijs v/d Jonge Jury.

 

Toetsenist98 

Welkom op mijn blog

Welkom op mijn blog, ik schrijf hierop over mijn 2 grootste hobbies: keyboard bespelen en schrijven. Al sinds mijn 9e zit ik op muziekles en nu ik (bijna) 14 ben vind ik het nog steeds superleuk! Sinds mijn 10e weet ik 100% zeker wat ik later wil worden: schrijfster. Ik wil gaan studeren aan de schrijversvakschool in A'dam. Ik hou van proza, poezie, script & scenario schrijven. Dat laatste doe ik nog niet, maar wil ik wel graag leren. Mijn grote schrijfvoorbeelden zijn:

Francine Oomen (boeken als HOI & De Sam-Beer-Pip trilogie)

Carry Slee (boeken als Spijt & de Dat Heb Ik Weer-reeks) 

Jacques Vriens  (vroeger las ik altijd graag Meester Jaap)

Marion v/d Coolwijk (boeken als Mzzlmeiden)

en als laatste Caja Cazemier (bekend van boeken als Vliegende Start, Wie Durft?! & Offline)

Op mijn blog zal ik ook schrijven over de boeken die ik leuk vind/lees en weetjes zetten over verschillende Nederlandse en buitenlandse schrijvers.

Ik hoop dat je mijn blog leuk zult vinden!

Groetjes

Toetsenist98